4.8 Provincie Noord-Holland (1840/NU)

[de Lage Landen] [in English] [Vorige] [Volgende]


(1: Vlag)

(2: Wapen)


Beschrijving van de vlag

(1) Tweemaal doorgesneden van goud, keel en azuur

De verhouding van de vlag is 2:3.


Status van de vlag

De vlag werd aangenomen op 22 oktober 1958.


Beschrijving van het wapen

(2) Gedeeld, I in goud een klimmende leeuw van keel, getongd en genageld van azuur, II in azuur twee aanziende gaande leeuwen van goud, met vijf (2:2:1) turven van goud.

De provincie Noord-Holland bleef het wapen van het oude graafschap Holland gebruiken tot het begin van de twintigste eeuw. Daarna werd het wapen van West-Friesland toegevoegd, een gebied dat in het Noorden van Noord-Holland gelegen is. Het wapen van West-Friesland lijkt veel op het Friese, maar de gaande leeuwen zijn aanziend, terwijl er slechts vijf in plaats van zeven turven aanwezig zijn.


Geschiedenis van de provincie

In de Oudheid was Holland door de Batavieren, de Kaninefaten en de Westfriezen bewoond. Bij de Volksverhuizing vestigden er zich ook de Franken en onder Karel de Grote werd er het evangelie verkondigd. Sinds de 9de eeuw heerste over Kennemerland een geslacht van graven, die hun gebied voortdurend uitbreidden en daardoor in strijd kwamen met de Westfriezen, de bisschoppen van Utrecht en de graven van Vlaanderen. Voor het bezit van Zeeland begonnen in de 12de eeuw, met de graven van Vlaanderen, de oorlogen die anderhalve eeuw duurden. Achtereenvolgens werd Holland geregeerd door de graven uit het Hollandse Huis, het Henegouwse Huis, waardoor het met Hainaut werd verenigd, en het Beierse Huis. Door een verdrag in 1428 van gravin Jakoba met Filips III de Goede, kwam Holland met Zeeland aan het Bourgondische Huis en deelde sindsdien de lotgevallen van het Bourgondische rijk.

In de 16de en 17de eeuw was Holland één der Zeventien Provinciën der Nederlanden. Door de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) scheurde het zich, evenals de andere Noordelijke gewesten, van Spanje los en vormde het belangrijkste gewest der Zeven Verenigde Nederlanden. Zijn raadspensionarissen hadden grote invloed, ook in de andere provinciën. De rijke handelssteden, in het bijzonder Amsterdam, waren de steunpilaren van de aristokratische Patriottenpartij, die de heerschappij van het Huis van Oranje bestreed. Van 1806 tot 1810 was Holland een provincie van het Koninkrijk Holland, werd na de afdanking van Lodewijk Napoleon bij Frankrijk ingelijfd, maar kwam in 1813 weer onder het bestuur van Oranje en vormde de provincie Holland die in 1840 in Noord- en Zuid-Holland werd gesplitst. De hoofdstad is Haarlem.



4.8.1 Stad Amsterdam
4.8.2 Gemeente Texel


Laatste aanpassing: 1997-08-11

f.a.vanlaenen@ieee.org