Situering

[de Lage Landen] [in English] [Volgende]



De Lage Landen Heden ten Dage

De Lage Landen bestaan, ruw geschetst, uit vier grote deelgebieden: Nederland, Vlaanderen, Wallonie en Luxembourg.

Nederland is hiervan duidelijk het grootste deel, met een bevolking van onngeveer 18 miljoen inwoners. Het koninkrijk kent twee officiële talen: het Nederlands en het Fries in Fryslân.

Ten Zuiden van Nederland ligt Vlaanderen, wat op zich kan onderverdeeld worden in het Belgische Vlaanderen dat alzo erkend is als Gemeenschap en Gewest in België, en Frans-Vlaanderen in het Noorden van Frankrijk. Belgisch Vlaanderen is eentalig Nederlands, op taalfaciliteiten in enkele gemeenten en het tweetalige statuut van de hoofdstad Brussel na, terwijl Frans-Vlaanderen een sterke verfransing heeft gekend.

Verder naar het Zuiden bevindt zich Wallonie, het Franstalige gebied in België. Bij Wallonie worden ook vaak de Duitstalige Oostkantons gerekend, met de Duitstalige Gemeenschap. Verder bevinden er zich in Wallonie enkele gemeenten met taalfaciliteiten voor de Vlamingen.

Ten slotte is er nog Luxembourg, dat naast het Frans en het Duits nog een eigen taal kent, het Letzeburgs.

Alles samen zijn de historische Lage Landen heden ten dage verspreid over vier landen, namelijk Nederland, België, Luxembourg en Frankrijk, en worden er maar liefst vijf talen gesproken over het grondgebied, namelijk Nederlands, Frans, Fries, Duits en Letzeburgs.


Korte Geschiedenis

Het Zuiden van de Nederlanden werd, in het midden van de eerste eeuw voor Christus, door Cæsar onderworpen. Tijdens de Volksverhuizing werd het Frankenrijk gesticht. Na de verdeling ervan door het verdrag van Verdun in 843, hoofdzakelijk deel van Lotharingen, behalve Vlaanderen dat aan het Westelijke Frankenrijk kwam. In 880 werd Lotharingen bij het Oost-Frankenrijk gevoegd, en later gesplitst in Opper- en Neder-Lotharingen, dat onze streken omvatte. Hier vormde zich van de 9de tot de 12de eeuw verschillende leenstaten: Brabant, Holland, enz... Op het einde en in de loop van de 15de eeuw kwamen de meeste daarvan, evenals Vlaanderen, aan het Bourgondische Huis, en door het huwelijk van Maria van Bourgondië met Maximiliaan, aan de Habsburgers (einde der 15de eeuw).

Keizer Karel V voltooide de vereniging der Nederlanden door de aanwerving van Friesland en andere Noordnederlandse gewesten, en maakte in 1548 de Zeventien Provinciën tot de Bourgondische Kreis. Door Karels troonafstand in 1555 kwamen de Nederlanden aan zijn zoon Filips II. Onder de landvoogd Alva begon de Tachtigjarige Oorlog, die duurde van 1568 tot 1648, waarvan Willem I van Oranje één der aanvoerders was. In 1579 sloten de Noordelijke provincies de Unie van Utrecht. De heroveringen van Farnese en de heroveringen van Maurits trokken een militaire scheidingslijn tussen de Noordelijke en de Zuidelijke Nederlanden. Onder Albrecht en Isabella (1598-1621) vormden de Zuidelijke provincies een onafhankelijke staat; na Albrechts dood kwamen ze echter terug aan Spanje. Ondertussen stichtten de Noordelijke Nederlanden in 1602 de Oostindische Compagnie, die nederzettingen in het Oosten, en in 1621 de Westinische Compagnie die nederzettingen in het Westen vestigde. In de Gouden Eeuw (17de) was de Republiek der Verenigde Nederlanden, vooral onder Frederik Hendrik, de eerste zee- en handelsmogendheid. Zij bereikte een hoge bloei op het gebied van wetenschap en kunst en werd in 1648, na de Dertigjarige Oorlog, ook door Spanje erkend. De vier Engelse Oorlogen (Tromp, De Ruyter) werden tussen 1652 en 1784 met wisselend succes gevoerd. In 1713 kwamen de Zuidelijke Nederlanden aan de Oostenrijkse Habsburgers. De regering van Maria Theresia (1740-1780) was een periode van vrede en rust; tegen haar opvolger Jozef II brak in 1789 een opstand uit van de Verenigde Belgische Staten, die echter in 1790 werden onderworpen.

In de Eerste Coalitieoorlog bezetten de Fransen de Zuidelijke Nederlanden (1795 met Frankrijk verenigd: Boerenkrijg), en rukten de Verenigde Nederlanden binnen die, eerst tot Bataafse Republiek, in 1806 tot Koninkrijk Holland onder Napoleons broeder Lodewijk Napoleon werden herschapen en in 1810 bij Frankrijk ingelijfd. In de Zesde Coalitieoorlog schudden de Hollanders het Franse juk af en na de nederlaag van Napoleon te Waterloo verenigde het Congres van Wenen in 1815 Zuid en Noord tot het Koninkrijk der Nederlanden, met als koning Willem I. In 1830 Belgische opstand die België van Nederland losrukte.


Laatste aanpassing: 1996-08-31

f.a.vanlaenen@ieee.org